Artikel: De plantenwereld en de VOC in Delft

Er is de afgelopen tijd veel aandacht in de media geweest over het feit dat de Verenigde Oost-Indische Compagnie  (VOC) vierhonderd jaar geleden is opgericht. Gisteren is het op woensdag 20 maart in de Ridderzaal begonnen. Door het hele land zijn gedurende 2002 festiviteiten gepland om deze 400 jaar VOC te vieren. De initiatiefnemers en organisatoren willen dit vieren. Het is dus geen herdenking. Dat zou ook kunnen, want de VOC was een behoorlijk militante organisatie. Dat was ook nodig, want de handelsposten moesten gewapenderhand veroverd worden op en beschermd worden tegen de concurrenten, zoals Portugezen, Spanjaarden en Engelsen. Maar ook de lokale bevolking moest het soms ontgelden. De Molukken is daar een voorbeeld van. Daar groeiden kruidnagelen en noodmuskaat. Dat waren producten waar de VOC een monopolie in wilde hebben en houden. Als de bevolking dan ook niet loyaal meewerkte, vernietigde de VOC bijvoorbeeld wel eens de planten. Het duurde dan weer minstens zeven jaar voordat de bevolking van een eventuele nieuwe aanplant kon gaan oogsten. Het is duidelijk dat dit een ramp voor de bevolking betekende.

De VOC had dus met planten te maken. En dat is in Delft vandaag de dag nog steeds zo. De stichting VOC Delft 2002, die alle activiteiten in Delft coördineert, heeft als voorzitter van de Raad van Advies Bob Ursem, Wetenschappelijk Directeur van de Botanische Tuin TU Delft. Een goede reden om hem in dit artikel eens aan het woord te laten.

“Toen ik bij de Hortus Botanicus in Amsterdam werkte, heb ik in 2000 al het initiatief genomen om het 400 jarig bestaan van de VOC te gaan vieren” zegt Bob Ursem. “Hierover ben ik onder meer gaan praten met het Historisch Museum. Ik vind dat de plantenwereld niet bij de viering mag ontbreken, want er is een onverbrekelijke band met de VOC. Dankzij deze planten is niet alleen de vaart op gang gekomen, maar zijn ook vele van deze planten naar Holland gekomen.” Het is duidelijk dat Bob Ursem iets heeft met de VOC en dat is een eufemisme. Hij is een enthousiast spreker over dit onderwerp. Hij is naar Delft gekomen om bij de Botanische Tuin TU Delft te gaan werken. En daar is hij trots op. Bob Ursem: “Deze tuin in Delft is de enige technische onderzoekstuin in Nederland. Er wordt onderzoek gedaan naar het gebruik van planten voor mens en industrie. We zijn dus geen collectioneurs van rariteiten, zoals de meeste botanische tuinen dat doen. Wij doen bijvoorbeeld onderzoek naar het winnen van taxol, een medicijn tegen onder meer kanker en leukemie. Wij onderzoeken duurzame oogstmethodes hiervoor.”

Een belangrijke plant in dit verband is de vezelbanaan. Op de foto is Bob Ursem trots met zo’n plant te zien. De staatkundige gevolgen voor de aanwezigheid van zo’n plant kunnen groot zijn. “Van de vezelbanaan kunnen, wat men ook wel Manilla hennep noemde, de vezels gebruikt worden om touwen van te maken voor de tuigage van de schepen en om deze te breeuwen”, zegt Bob Ursem. “Deze vezels waren zeer elastisch en bleven dat ook onder invloed van zeewater. Het was dus een belangrijk product om duurzame schepen te kunnen bouwen. Nu groeiden deze planten op alle eilanden van de Indonesische archipel, behalve op de Molukken. Dit is een belangrijke reden geweest waarom dit rijk is ontstaan.”

Een belangrijk persoon voor het verzamelen van planten in Delft is Hendrick d’Acquet (1632-1706) geweest. Hij was doctor in de geneeskunde, Delfts stadsdokter, schepen en burgemeester. Hij bracht een grote verzameling naturalia bijeen en liet dat aquarelleren. Dat zijn er meer dan zevenhonderd geworden. Een grote hulp hierbij was de Duitser Georg Everhard Rumphius (1627-1702), die vanaf 1653 op Ambon leefde. Hij was wetenschapper en in dienst van de VOC. Hij was in staat om bijvoorbeeld planten te herkennen. Dat was van belang als de VOC er weer een schip op uitstuurde. Hij kon dan bijvoorbeeld de kruidnagelplanten aanwijzen. Bob Ursem: “De plantenverzameling van d’Acquet is niet bewaard gebleven. Na oprichting van de Botanische Tuin in Delft in 1917 is men begonnen om de planten van d’Acquet te traceren en deze hier weer te kweken. Zo is de huidige verzameling ontstaan. Op 13 april aanstaande gaat de expositie open en kan iedereen daar naar komen kijken.”

In de Raad van Advies zitten vijftien leden, waaronder alle partijen die met de viering van de VOC in Delft te maken hebben. Alle projecten, die aangedragen werden, werden beoordeeld en van een advies voorzien, waarin het belang voor de viering werd geformuleerd. Vanuit het bestuur zijn drie criteria geformuleerd: sfeerweekend, belevingsweekend en kennisweekend. “Vanuit de Raad van Advies is de communicatie commissie opgezet”, zegt Bob Ursem. “Communicatie is erg belangrijk, want de mensen moeten niet alleen weten wat er te beleven is. De stichting heeft ook de nodige fundraising moeten doen. De Gemeente heeft een bedrag ter beschikking gesteld, andere sponsors hebben  geld ingebracht en niet te vergeten de VOC-aandelen die door particulieren zijn gekocht. Met dit geld zijn de diverse projecten gesubsidieerd. Op woensdag 10 april aanstaande wordt het VOC-jaar in Delft geopend met onder meer een concert in de Oude Kerk.Het volgende hoogtepunt is het belevingsweekend met Pinksteren. De Duyfken is er dan en er zijn vele activiteiten in de stad.”

(Auteur: Sybrand de Jong – maart 2002)

 

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

* Copy This Password *

* Type Or Paste Password Here *

22.592 Spam Comments Blocked so far by Spam Free Wordpress

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>