De middeleeuwse Bagijnetoren in Delft is verplaatst om plaats te maken voor de spoortunnel. De Bagijnetoren is een van weinig nog bestaande waltorens in Nederland. Hij is gebouwd omstreeks 1500 en heeft in die tijd zijn omgeving zien veranderen. De wal werd afgebroken in de negentiende eeuw en de stadsgracht werd gedempt, omdat er een spoorviaduct gebouwd moest worden. Om van dat nare spoorviaduct af te komen, wordt er een spoortunnel gebouwd. Waar de toren staat volgt de tunnel het tracé van de stadswal. De toren staat dus in de weg. Gelukkig wordt hij niet afgebroken, maar tijdelijk opzijgezet. Dit is succesvol gisteren gerealiseerd op woensdag 9 februari 2011.
De toren weegt 250 ton en er is een speciale fundering onder de toren gemaakt. Met deze fundering kon de toren ongeveer vijf centimeter opgetild worden en over een roestvrij stalen met teflon beklede glijbaan vijftien meter opzij geschoven worden, zodat het werk aan de tunnel gedaan kan worden. Als dat klaar is over een half jaar, zal de toren weer teruggeschoven worden.
De stadswal van Delft telde in de zestiende eeuw vierentwintig torens. De Bagijne toren is het best bewaard gebleven en is natuurlijk vernoemd naar het Bagijnhof. De St.-Huybrechtstoren bestaat ook nog wel, maar is dusdanig fantasierijk verbouwd in de loop der jaren, dat je deze nauwelijks meer origineel kunt noemen. De Rietveldse toren is er ook nog, maar deze is verbouwd tot woning.




